woensdag 27 augustus 2014

Diabetes en erfelijkheid

Is diabetes erfelijk? Dat was één van de vragen die ik me stelde toen ik hoorde dat ik vader zou worden.

Erfelijkheid speelt bij diabetes type 1 maar een kleine rol, in tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht.
Het komt erop neer dat van de honderd kinderen die een ouder hebben met diabetes type 1, er drie het ook krijgen. Als dat gebeurt, is het niet alleen door die erfelijke factoren.
Type 1 diabetes erft multifatoriëel over. Dit betekent dat zowel erfelijke aanleg als omgevingsfactoren een rol spelen bij het ontstaan van de aandoening. Die kennen we nog niet allemaal, ze worden nog onderzocht. Dat ligt in de sfeer van voeding en virussen, in combinatie met genetische aanleg (maar die hoeft niet erfelijk te zijn). We weten dus ook nog niet hoe je diabetes type 1 kunt voorkomen.
Toch zijn er families waar diabetes type 1 vaak voorkomt. Waarschijnlijk gaat het dan om een speciale genetische subvorm van diabetes type 1 die wel een sterk erfelijke vorm heeft. Maar die aantallen zijn meegeteld voor de berekeningen van de gemiddelde kans op diabetes type 1.
Hieronder staat hoeveel kans je hebt op diabetes type 1 als bepaalde familieleden dit hebben:
Als broer of zus diabetes heeft: 1-8 %
Als vader of moeder het heeft: 1-4 %
Als beide ouders diabetes hebben: 20-40 %
Als neef of nicht het heeft: 1-2 %
Bij eeneiige tweelingen: 23-50 %

Diabetes type 2 erft ook multifactoriëel over. De rol van erfelijkheid is meer van toepassing bij type 2 dan bij type 1. Als mensen weten dat zij de erfelijke aanleg hebben voor diabetes type 2 dan kunnen ze extra letten op voldoende beweging en gezonde voeding. Het is wetenschappelijk bewezen dat mensen door gezond te leven hun risico om diabetes type 2 te krijgen kunnen verminderen. Overgewicht verhoogt de kans op diabetes type 2.
De kans dat iemand diabetes type 2 krijgt als een bepaald familielid dit ook heeft, staat hieronder:
Als broer of zus diabetes heeft: 15-20 %
Als vader of moeder het heeft: 10-20 %
Als beide ouders diabetes hebben: 40 %
Als neef of nicht het heeft: 6-10 %
Bij eeneiige tweelingen: 70-90 %

(Bron: http://www.erfelijkheid.nl)


dinsdag 19 augustus 2014

Het Belgisch Diabetes Register

Het Belgisch Diabetes Register (BDR) VZW is nationaal netwerk van artsen, onderzoekers en medewerkers die samenwerken aan onderzoek omtrent diabetes. Hun voornaamste taak is het verzamelen van gegevens van diabetespatiënten en hun aanverwanten met als doel de ziekte te helpen behandelen, genezen of vermijden.
Bij mijn diagnose en ziekenhuisopname kreeg ik de vraag of ik wilde deelnemen aan het onderzoek van het BDR. Natuurlijk was mijn antwoord positief en kreeg ik een vragenlijst om in te vullen. Meer was het niet...

Maar het BDR doet meer dan enkel gegevens verzamelen. Op hun website (www.bdronline.be) worden ook oproepen gedaan naar testpersonen voor allerhande studies en nieuwe behandelingen. Als je jezelf geroepen voelt: doen! Ook gezonde mensen, uit bepaalde doelgroepen, kunnen mee helpen aan de studies en eerstegraads verwanten kunnen getest worden door het BDR op risico tot ontwikkelen van diabetes.

Zopas ben ik vader geworden en ook hier komt het BDR in het spel. Als diabetes type 1 patiënt is er altijd een risico dat mijn zoontje ook diabetes zal ontwikkelen. Het BDR vraagt daarom om bij de bevalling navelstrengbloed te laten opvangen en op te sturen voor onderzoek. Helaas was het onmogelijk om vanuit ons ziekenhuis het bloed tijdig tot in het labo te brengen. Woon je echter in een grootstad, dan zou het wel mogelijk moeten zijn. Je kan hiervoor informeren bij je diabetesteam.

Breng zeker eens een bezoekje aan hun site, wie weet vind je wel iets wat je interessant vind!


donderdag 5 juni 2014

Terugbetaling CGM

Het waren al langer geruchten maar gisteren, tijdens mijn 3 maandelijkse controle, werd het bevestigd: er komt terugbetaling voor glucosesensoren in België! Wanneer precies is nog niet geweten. Het zal voor na de zomer zijn.

Dat is natuurlijk fantastisch nieuws maar er is een keerzijde aan de medaille. Het budget is beperkt en er moet aan een heel aantal voorwaarden voldaan worden om terugbetaling te krijgen. Voorlopig heb ik weet van volgende argumenten:

- Het ziekenhuis moet een pompconventie hebben van minstens 50 pompgebruikers
- Slechts 10 tot 15% van de pompgebruikers kan terugbetaling krijgen in die conventie
- Je moet een insulinepomp gebruiken
- Je moet kunnen aantonen dat je de CGM volcontinu gebruikt gedurende een bepaalde periode
- Er wordt per individu geëvalueerd door het diabetesteam of de persoon in kwestie een CGM nodig heeft

Mijns inziens heeft elke insuline gebruikende diabeet nood aan een CGM! Maar het is alvast een begin...


zondag 18 mei 2014

Home fitness

Wat is home fitness? Het woord zegt het zelf: je doet thuis aan fitness!
Voor wie is het bedoelt? Voor iedereen! Het best van al: het is gratis! :-)

Enige tijd geleden kocht ik via een aanbieding een goedkope (zo'n € 40) fitness set die bestaat uit een fitness bal (ook wel Swiss ball, Gym ball, ...), dumbbells (kleine gewichten) en een fitness band.
Daarna ontdekte ik dat er op YouTube heel wat gratis fitness video's te vinden zijn die zonder, of met een minimum aan, materiaal een goede workout garanderen. Er zijn zelfs YouTube kanalen die regelmatig nieuwe en gratis video's aanbieden. Eén van zulke kanalen, met kwaliteitsvolle video's, is GymRa (Klik hier!). Ook FitnessBlender heeft goede video's (Klik hier!).
Dat zo'n workout werkt moet je zelf maar eens ondervinden. Bijvoorbeeld deze is een leuke beginner:


Let op indien je insuline gebruikt: deze routines kunnen je bloedsuiker snel doen dalen! Zorg dat je steeds snelle suikers bij de hand hebt, bijvoorbeeld een flesje Cola, om in te grijpen bij een hypo. Je kan de workout ook zonder gewichten doen, voor beginners zal dat al zwaar genoeg zijn. :-)
Doe de routines op je eigen tempo en naar eigen kunnen zodat je jezelf niet overbelast. Bouw traag op en indien je vordert kan je er meerdere na elkaar doen.

Na bovenstaande routine, die overigens slechts een half uurtje van je tijd vraagt, zal je waarschijnlijk de spieren in je armen en benen wat beter leren kennen. ;-)
Je ziet: werken aan de conditie vraagt echt niet veel tijd en kan je snel tussendoor, en THUIS, uitvoeren. Je hebt gewoon geen enkel excuus meer...


zondag 11 mei 2014

Diabetes en complicaties

Het is een gevoelig onderwerp maar je kan er niet omheen... Diabetes geeft nu eenmaal een reële kans om complicaties te ontwikkelen. Om deze complicaties te voorkomen proberen we dagelijks om onze suikerwaarden onder controle te houden. Ook al ben je goed geregeld, toch is het belangrijk om steeds op controle te gaan bij bijvoorbeeld de oogarts.

Onlangs las ik ergens dat maar liefst 50% van de diabetes type 2 patiënten niet eens weet dat ze de ziekte hebben omdat de symptomen minder uitgesproken zijn dan bij type 1. Als je dan hoort hoe fel de ziekte aan een opmars bezig is betekent dit dat er heel wat mensen rondlopen met verstoorde suikerwaarden.
Ook bij een goed geregelde diabeet kunnen complicaties ontstaan. Met name zwangerschap kan er voor zorgen dat je ogen extra gevoelig zijn voor complicaties, ook bij een goede regeling!


De complicaties die kunnen ontstaan zijn zeer uiteenlopend. Even kort op een rijtje:

-Diabetische ketoacidose:
Bij een slechte controle van de bloedsuikerspiegel kan deze oplopen. Als de lichaamscellen hierdoor langere tijd glucose tekort komen, spreken zij andere energiebronnen aan voor de verbranding, bijvoorbeeld vetten. Ketonen zijn bijprodukten van de vetverbranding. Indien de concentratie van ketonen in het bloed te hoog oploopt veroorzaken zij een acidose of verzuring van het bloed. Bij een ernstige ketoacidose kan de patiënt bewusteloos worden. Ketoacidose geeft een typische acetongeur aan de adem.

-Hart- en vaatziektes:
De belangrijkste effecten van een langdurig te hoge suikerspiegel in het bloed doen zich voor ter hoogte van de bloedvaten: hoge suikergehaltes in het bloed beschadigen de wand van de vaten wat tot dodelijk complicaties kan leiden. Vooral de bloedvaten van het hart, de hersenen en de grote slagaders van de onderste ledematen worden aangetast. Diabetes verhoogt de kans op het ontwikkelen van hart- en vaatziektes - zoals hartinfarct, beroerte of perifeer arterieel vaatlijden - enorm. Naast diabetes vormen ook hypertensie (hoge bloeddruk), hypercholesterolemie (hoge cholesterol), obesitas (overgewicht) en het roken van tabak belangrijke risicofactoren. Vooral bij mensen die meer dan één risicofactor hebben is de kans op het krijgen van een hart-en vaatziekte aanzienlijk toegenomen. Daarom zal men bij diabetici veel strengere eisen stellen bij het behandelen van hoge bloeddruk: bij een niet-diabeticus met hoge bloeddruk zal men trachten de bloeddruk onder 140/90 te krijgen. Bij een diabeticus zal men trachten de bloeddruk onder 130/80 te houden.

-Blindheid:
De retina of het netvlies van het oog wordt beschadigd door het hoge bloedsuikergehalte. Diabetes mellitus is de belangrijkste oorzaak van blindheid bij volwassenen. Aantasting van de kleine bloedvaten (micro-angiopathie) doet zich vooral voor in de ogen (retinopathie) en de nieren (nefropathie).

-Chronisch nierfalen:
Diabetes is de belangrijkste oorzaak van nierdialyse in de Westerse wereld. Door het hoge bloedsuikergehalte worden de niercellen langzaam vernietigd. Ongeveer 20 tot 30% van alle diabetici ontwikkelen uiteindelijk een nierprobleem, maar dat leidt niet altijd tot nierfalen.

-Veranderd gevoel:
Diabetes kan ook zenuwen aantasten met als gevolg een verminderd gevoel, tintelingen en pijn in voeten, handen, tenen en vingers. Een mogelijke verwikkeling bij diabetes is neuropathie: ongevoeligheid of overgevoeligheid van de zenuwen. In het perifeer zenuwstelsel kan dit leiden tot gevoeligheid van het autonoom zenuwstelsel en tot diarree. Verminderde gevoeligheid voor pijnprikkels leidt tot orthostatische hypotentie (plotse bloeddrukval bij het rechtkomen).

-Diabetesvoet:
Diabetesvoet is een zeer specifiek probleem van suikerziekte. Door aantasting van de zenuwen verliezen diabetespatiënten geleidelijk aan het (pijn)gevoel in hun tenen, voeten en benen. Verminderde gevoeligheid voor koude en warmte ter hoogte van de voet kan voor een minder snelle maaglediging en impotentie zorgen. Tevens kan door de verstoorde werking van de zenuwen de vorm van de voet veranderen.

-Slechte wondheling:
Een belangrijke complicatie van diabetes mellitus is een slechte wondheling. Door de verminderde doorbloeding (door de schade aan de bloedvaten) genezen wondjes trager. In combinatie met de zenuwschade, die ervoor zorgt dat er minder pijn gevoeld wordt, kan dit vooral aan de voeten tot zeer ernstige problemen leiden. Indien de slecht helende wonden beginnen infecteren kan zelfs gangreen optreden met amputatie tot gevolg. Diabetes is de belangrijkste oorzaak van niet-traumatische amputatie bij volwassenen.

Het is dus zeer belangrijk dat we onze ziekte goed (laten) opvolgen en streven naar een goede regeling. Dat dit niet altijd even makkelijk is weten we maar al te goed maar inzet loont!


zondag 27 april 2014

Diabetes en vet verbranden deel 2

Nu ik meer inzicht heb in hoe onze energiehuishouding werkt, lijkt het me onnodig te stellen dat iemand met diabetes op een andere manier vet gaat verbranden dan iemand zonder diabetes. Zie één van mijn vorige berichten: Klik hier!

We verbruiken tijdens lichamelijke inspanningen een combinatie van koolhydraten, vet en eiwitten. Het enige wat verschilt bij mensen met diabetes type 1 is dat we zelf onze insuline toevoer moeten regelen om de koolhydraten om te zetten in energie.

Kan je van koolhydraten dik worden? Hoewel het in theorie mogelijk is, is het in de praktijk voor het lichaam tamelijk moeilijk om overtollige koolhydraten om te zetten in vet. De koolhydraten die niet nodig zijn voor het dekken van de directe behoeften van het lichaam, worden opgeslagen als glycogeen of afgegeven als warmte. Evenals met betrekking tot eiwit hebben studies aangetoond dat met het eten van veel koolhydraten de oxidatie ervan automatisch toeneemt. Anders gezegd, een deel van de koolhydraten wordt opgebrand en effectief afgevoerd als warmte. Tot wel 23% van de calorieën uit koolhydraten kan langs deze weg verloren gaan; het restant wordt veelal omgezet in glycogeen.

Kan je van vet dik worden? Van het vet in voedsel wordt je waarschijnlijk veel dikker dan van enig andere voedingsstof, aangezien het als vetweefsel wordt opgeslagen, indien het niet direct nodig is. In tegenstelling tot bij eiwitten en koolhydraten neemt de oxidatie van vet niet toe in geval je er te veel van eet. Dat gebeurt alleen wanneer de totale energiebehoefte groter is dan de totale hoeveelheid opgenomen energie of tijdens aerobe activiteiten. Je eet er echter veel gemakkelijker te veel van, omdat het minder verzadigend is.

Hoe zit het dan met koolhydraat arme diëten? Deze diëten zorgen ervoor dat je totale calorie inname per dag lager ligt dan je behoefte. Dit is door het verminderen van het aantal koolhydraten eenvoudiger te bereiken dan door het verminderen van het aantal vetten. Doordat je te weinig calorieën inneemt uit koolhydraten gaat het lichaam snel overschakelen op verbranding van vetten om het lichaam van energie te voorzien. Indien je dit dieet stopzet en terug je normale voedingspatroon aanneemt zal je lichaamsgewicht snel terug stijgen naar oude gewicht. De hoeksteen van een blijvende gewichtsbeheersing is daarom een voeding die rijk is aan koolhydraten en arm aan vet.

Je kan wel gericht gaan sporten om procentueel meer vetten te verbranden. Lichamelijke inspanningen die minder inspanning kosten, aerobe inspanningen, verbranden procentueel gezien meer vet!

Voorbeeld:

Zoals je ziet wordt er procentueel meer vet verbrand bij het wandelen gedurende 60 minuten. Bij het joggen gedurende 40 minuten worden er uiteindelijk wel meer calorieën verbrand en dus ook meer vetten op kortere tijd, maar het rendement qua vetverbranding is lager!


zaterdag 12 april 2014

Gericht trainen in de praktijk: dag 1

Gisteren heb ik de eerste rit van mijn trainingsschema voltooid, een klein verslagje:

Ongeveer 45 minuten na het middageten zat ik op de fiets voor deel één van het trainingsschema. Als middagmaal at ik 4 volkoren boterhammen waarvan 2 met suikervrije confituur en vetarme kaas en 2 met Nutella. Voor die maaltijd heb ik geen insuline bolus gebruikt. Het basaal liet ik op de pomp ongewijzigd. De rit zou immers slechts 60 minuten duren en bevatte redelijk veel 'rust' secties. Voor onderweg voorzag ik één bidon sportdrank en wat extra voeding voor in geval van nood (heb ik niet nodig gehad). Zo zag het plan er uit:

- Opwarming:
15 minuten @ 126-146 bpm: souplesse, licht verzet
- Kern:
10 x 1 minuut @ 147-157 bpm: heel soepel fietsen, hoge trapfrequentie
10 x 1 minuut @ 126-146 bpm: normale souplesse tussenin
- Cooldown:
25 minuten @ 126-146 bpm: los, souplesse

De voorbije dagen had ik de trainingen al aangemaakt in mijn Garmin fietscomputer zodat ik enkel nog op start moest drukken en vertrekken. Vorige rit had ik last van een falende hartslagmeter door de wind die in mijn truitje sloeg. Na wat opzoek werk op het internet bleek dit inderdaad een veel voorkomend probleem dat simpelweg op te lossen is door de hartslagband wat naar de zijkant te draaien. Bij deze heb ik dat ook gedaan en het probleem is inderdaad van de baan. Bovendien voelt het aan alsof de band nu ook beter aanpast. Ik heb de sensor wat naar links verschoven en dit ga ik vanaf nu telkens zo doen.

Onderweg bleek dat het niet zo makkelijk is om in de juiste hartslagzone te blijven. Ik wilde steeds te snel gaan. Naarmate de tijd verstreek lukte het steeds beter en beter. Het viel op dat ik door middel van mijn ademhaling mijn hartslag beter kon controleren. Telkens mijn hartslag te hoog was werd ik me ook bewust dat ik mijn ademhaling minder controleerde. Interessant!

Ook de wind zorgde voor een extra moeilijkheid al viel dat best mee. Een tandje lichter schakelen bij kopwind en belachelijk traag rijden om de hartslag te laten zakken was de boodschap. Ongeveer halfweg ben ik teruggedraaid en had ik de wind in de rug. Dat merk je duidelijk aan de snelheid op de grafiek hieronder. Rijden op souplesse vormde voor mij geen enkel probleem, dat heb ik mezelf van bij het begin dat ik fietste meester gemaakt.

Klik op de afbeelding om te vergroten.

Terug thuisgekomen voelde ik me opvallend fris in vergelijking met anders. Ook de suikers waren mooi stabiel gebleven, deze keer geen last van laagtes. Toen ik de trap op ging verbaasde ik me over de 'frisheid' van mijn benen. Normaal zijn deze altijd verzuurd na een rit. Nu dus niet...
Dit is natuurlijk te verklaren omdat deze rit niet zwaar was en omdat ik steeds aan lagere hartslag heb gefietst dan ik gewend ben. Dit gevoel van 'frisheid' doet eigenlijk best deugd en doet me al uitkijken naar de volgende training! :-)